Fout
  • Fout bij het laden van feeddata

Uithuizen


 

Algemeen
Het dorp Uithuizen ontstond in de tiende eeuw op een kwelderwal. Het dorp werd gesticht door bewoners van de westelijk gelegen wierde Oldörp.. Bedijking van het gebied vond plaats rond 1200. Het tracé daarvan is nig te volgen aan het verloop van de ten noorden van Uithuizen gelegen Oude Dijk. Na 1850 groeide het dorp aanzienlijk, waarbij de Hoofdstraat en de evenwijdig lopende Schoolstraat de hoofdstructuur vormden. De Hoofdstraat West en de Hoofdstraat Oost ontwikkelden zich tot winkelstraat, de Schoolstraat kreeg een vrijwel aaneengesloten bebouwing met een stedelijk karakter. Na de aanleg van de spoorlijn Sauwerd - Roodeschool in 1893 kwam het gebied tussen station en Schoolstraat tot ontwikkeling. Na 1920 groeide Uithuizen verder ten noorden van de spoorlijn en vooral ten zuidoosten van de oude dorpskern.

Exterieur

De Hervormde kerk (Hoofdstraat Oost 2), oorspronkelijk gewijd aan St. Jacobus de Meerdere, is een tweebeukige kerk met driezijdig gesloten koor en een toren van vier geledingen met een tentdak voorzien van bekroning. Het onderste, in tufsteen uitgevoerde, gedeelte van de toren stamt uit de twaalfde eeuw. Waarschijnlijk is de toren in 1679-1681 tot de huidige hoogte verhoogd. De toren stond oorspronkelijk los van de kerk, maar is daar later mee verbonden. Rond 1250 verrees een eenbeukig schip, waaraan omstreeks 1450 het koor en in 1793-1794 de noordelijke zijbeuk werden toegevoegd. De spitsboogvensters in het koor en de zuidmuur van het schip dateren waarschijnlijk uit het begin van de zeventiende eeuw. Bij een restauratie in 1972-1977 naar plannen van P.B. Offringa heeft men de in het begin van de twintigste eeuw aangebracht pleisterlaag weer verwijderd. Het dorp wordt voor het eerst vermeld in het jaar 1000 als ‘Uthuson’, hetgeen ‘uiterste huizen’ betekent en opgevat dient te worden als randbebouwing te opzichte van Oldörp


klik op een foto voor de diaserie van het exterieur


Interieur

Het interieur van het schip wordt overdekt door koepelgewelven, de zijbeuk en het koor het kruisribgewelven. In het koor bevinden zich gewelfschilderingen met onder meer voorstellingen van Adam en Eva, Jacobus de Meerdere en Het Laatste Oordeel. Tot de inventaris behoren enkele rijk bewerkte stukken naar ontwerp van Allert Meijer en met snijwerk van Jan de Rijk. De grote herenbank die tevens de koorafscheiding vormt, werd in 1703 gemaakt in opdracht van Unico Allert Alberda, de heer van de Menkemaborg. Ook de preekstoel met doophek uit 1713 en de orgelkas hebben zij vervaardigd. Het orgel zelf werd in 1699-1700 vervaardigd door Arp Schnitger en in 1855 gewijzigd door P. van Oeckelen & Zn. De kerk bevat verder vier zeventiende- en achttiende-eeuse rouwborden voor leden van de familie Alberda, een groot aantal gebeeldhouwde zerken waarvan de oudste uit 1560 dateert en een zeventiende-eeuwse grafkelder voor de bewoners van de Menkemaborg.


klik op een foto voor de diaserie van het interieur


Bronnen

Monumenten in Nederland (ISBN: 90-400-9258-3)
Het Groninger orgelbezit van Adorp tot Zijldijk

Plaats reactie


Beveiligingscode
Vernieuwen

Nieuws

Kerken alfabetisch

Tweets

by acls us