Fout
  • Fout bij het laden van feeddata

Middelstum



Algemeen
Het wierdedorp Middelstum is mogelijk in de Romeinse tijde ontstaan op een kwelderwal. Uit drie huiswierden heeft zich een omvangrijke wierde met een radiale structuur en een ringweg ontwikkeld. Het centrale deel van de wierde wordt gevormd door de open ruimte rond de kerk en de deels onbebouwd gebleven terreinen van de in de achttiende eeuw gesloopte borgen Asinga en Mentheda. De radiale structuur is het meest regelmatig in het zuiden. De bebouwing concentreerde zich aanvankelijk langs de paden in het zuidoosten en langs de oostelijke ringweg. In de tweede helft van de negentiende eeuw vond een verdichting van de bebouwing plaats. De wierde, aangewezen als beschermd dorpsgezicht, wordt omringd door twintigste-eeuwse woonwijken.

Exterieur
De Hervormde kerk (Menthedalaan), oorspronkelijk gewijd aan St. Hippolytus, is een eenbeukige kruiskerk met driezijdige koorsluiting. De grote Middeleeuwse kruiskerk heeft een spitse westtoren, met tentdak en opengewerkt koepeltje, ‘eenen zwaren toren, hoog 155 oude voeten’. Voor de Reductie had ‘officiaal’ van Munsterse bisschop kerkelijk gezag over aan aantal omliggende parochies en was hier een tijdlang een dekenaatskerk. Vanaf de Reductie werden in de voormalige sacristie de classisvergaderingen ‘driemaal ’s jaars’ gehouden. De tekst van de rijkkroniek, die ondermeer op de muur in het koor is teruggevonden, begint met het jaar van de kerkbouw: 1445 en eindigt in 1618. Blijkens die kroniek werd de kerk in 1568 ernstig beschadigd door oorlogshandelingen, maar in 1610 werd het gebouw ‘dat lange gestan hadde verwoest’ gerestaureerd. Vermoedelijk in het begin van zestiende eeuw voegde men de sacristie toe in de noordoosthoek van het noordtransept. De enkele malen gewijzigde sacristie heeft haar oorspronkelijk verdieping verloren. In de toren hangt een klok uit 1520, gegoten door Johan Schonenborch, en in het zeventiende-eeuwse koepeltje, op de toren een carillon uit 1661-1662, gegoten door François Hemony. In 1804 repareerde L. Nieborg het speelwerk en in 1806 werkte de uurwerkmaker J.L. Smit aan het klokkenspel en uurwerk. Begin van de negentiende eeuw tekende de plaatselijk schoolmeester (tevens organist en beiaardier en koster) dat het carillon: ‘aangemerkt moet worden als eene byzonderheid in een dorp, het by uitstek fraai gegotene klokkenspel; zynde uitmuntend en helder van toon; bestaande uit twee volle octaven: wordt twee keer in de week bespeelt; alsmede dient het tot aankondiging van den Godsdienst: telkens hoort men elk klokslag een vol accoord van hetzelfde bestaande uit c, e, g, c’. In 1857 werd het klavier vervangen door een trommelspeelwerk, vervaardigd door P. van Oeckelen. Aan het carillon zijn in 1949 7 klokken van de firma Eijsbouts toegevoegd. Drie gedenkstenen boven de ingang van de toren herinneren aan de bouw in 1487 en aan reparaties in 1767 en 1831. Bij een kerkrestauratie in 1974, naar plannen van R. Offringa, zijn de tufstenen en bakstenen traceringen van de spitsboogvensters in koor en schip gereconstrueerd.


Klik op een foto voor de diaserie van het exterieur


Interieur
Het interieur wordt overdekt door kruisribgewelven, waarop een aantal fragmenten van zestiende-eeuwse schilderingen bewaard is gebleven. Het betreft onder meer afbeeldingen van de Zondeval, het Laatste Oordeel en in het koor meer renaissancistische schilderingen van acanthusbladeren en vogels. Op de noordmuur is Christus als Salvator Mundi afgebeeld. Een uit 1704 daterende grote herenbank met flankerende deuren nar ontwerp van Allert Meijer en met snijwerk van Jan de Rijk vormt de scheiding tussen koor en schip. Tot de inventaris behoren verder een preekstoel en een doophek, toegeschreven aan Casper Struiwigh (1733) en door Petus van Oeckelen gebouwd orgel (1863). De oude orgelkas had nog versieringen van voor de Reductie, getuige opmerkingen van de schoolmeester aan het begin van de negentiende eeuw: ‘deze kerk, met een kunstig gemaakte steenen gewelft en pronkende met een orgel, waarop geplaatst ziet het geharnaste beeld van den Heiligen Hippolitus in de Roomsche tyden als schutsheilige of patroon der Kerke werdende geeerd’. Op de middentoren van het orgel is theans een klok aangebracht die in verbinding staat met het torenuurwerk. In het koor ligt de grafkelder uit 1654 van Joan Lewe en Geertruida Alberda, bewoners van de borg Ewsum. De kerk bevat verder enkele zeventiende-eeuwse grafzerken en een zandstenen epitaaf voor Ebert Onsta (overleden in 1476).


Klik op een foto voor de diaserie van het interieur


Bronnen
Het Groninger Orgelbezit van Adorp tot Zijldijk
Monumenten in Nederland (ISBN: 90-400-9258-3)

Plaats reactie


Beveiligingscode
Vernieuwen

Nieuws

Kerken alfabetisch

Tweets

by acls us